
Zwak op m'n benen, de rechterhand bij de nauwelijks open ogen om te pogen de slaap weg te vegen en de linkerhand krabbend op plaatsen waar krabben vereist was, stond ik voor het raam te kijken naar het dalende water. Ik had gehoopt op beter weer, ook al was het maar iets beter. Gehoopt, maar niet verwacht. Strompelend richting de douche bedacht ik me dat het vergeten van de paraplu vandaag wel eens kon leiden tot de verdrinkingsdood, hoewel ik wel besefte dat dat zou vereisen dat ik enkele minuten met de mond open en het hoofd naar achter in de regen zou moeten staan. Bij het onder de douche stappen schudde ik het mentale plaatje uit m'n hoofd en zette de doucheradio aan (zeker in mij top 28 van beste doch niet zo zeer nuttige uitvindingen ooit). "
You ain't seen nothin' yet", zong Randy Bachman me toe.
Zittend in de tram naar de vereniging wist ik het zeker; Tijdens werkzaamheden aan Gods buitenhuis was de waterleiding gemaakt, en door een tekort aan loodgieters in de hemel wordt het maandag pas gemaakt. De Coolsingel was in een woeste rivier veranderd, gevormd door het samenkomen van stromen water vanaf de Blaak, Westblaak en Schiedamsedijk op het Churchillplein, alles meesleurend de metro-ingangen van Beurs en Stadhuis in. De tram reed moeizaam tegen de stroom in en draaide de Blaak op, waar de auto's tot boven de motorkap onder water stonden, zich langzaam en voorzichtig voortbewegend als minionderzeeërs die aan het oppervlakte kwamen kijken. Station Blaak was gedeeltelijk ingestort door het gewicht van de regen en het marktplein was slechts een donker, onheilspellend meer geworden. Richting Oostplein leek het beter te worden, maar bij het plein zelf zagen de inzittende van de tram vanaf de Maas een enorme waterstroom over de Oostbrug op zich af komen. De tram reed net op tijd door, maar door het achterraam zag ik de onbevroren lawine over Oostplein heen bulderen, auto’s meesleurend, lantarenpalen afbrekend alsof het lucifers waren. De tram leek nu relatief veilig op de Oostzeedijk, maar terwijl ik door het raam omlaag langs de dijk keek zag ik ook daar de kolkende woede van het water.
De rest van de weg naar de Esch verliep relatief rustig, hoewel de harde wind sloten met regen tegen de ramen bleef smijten. Aangekomen bij mijn halte stapte ik moedig de storm in, paraplu in de aanslag en met de neus in de wind. Ondanks het weer had ik er erg veel zin in.
De dames daarentegen leken voor het eerst sinds tijden niet erg enthousiast. Terwijl ze binnendruppelden op de club lieten velen weten vandaag helemaal geen zin te hebben, maar ik wist dat het slechte weer de boosdoener was, niet het spelletje. Ik hield velen van ze voor dat het weer juist in hun voordeel zou kunnen werken; Dat de technische spelers, die soms de nodige problemen konden veroorzaken voor onze verdediging, moeite zouden hebben met de omstandigheden, en dat als we samen zouden blijven spelen we hier een goede wedstrijd neer konden zetten. Ze geloofden me wel, geloofde ik, maar het vooruitzicht op een koude, natte middag op het gure veld was toch demoraliserend.
Toch, de dames begonnen vol goede moed aan de wedstrijd. De regen leek de dames, die al 14 weken ongeslagen waren, even uit balans te brengen, en VOB kon vanaf het begin de Kilo's achteruit drukken. Iets dat resulteerde in een merkwaardig feit: Een strafschop veroorzaakt door Agnes. Meestal zijn het haar verdedigers of een enkele middenvelder die door een handsbal een penalty veroorzaakt, maar nu was het Aggie zelf, die door het verkeert inschatten van de bal, de tegenstander en het doorglijden op het natte gras een doorgebroken aanvaller volledig ondersteboven caramboleerde. Ze was er zelf van slag van en kreeg terecht de gele kaart, maar ze wist ook dat ze de strafschop nu nog zou moeten stoppen om haar overtreding goed te maken. En Agnes zou Agnes niet zijn als zij niet hoogstpersoonlijk haar eigen doel schoon zou houden. De penaltykiler dook net in de goede hoek en kon de bal met de vingertoppen wegdrukken naar de zijkant. De bal ging echter niet naast, maar kwam via de paal weer terug naar de keeper, waarna ze hem klemvast had.
En toen kregen de Kilo's het op de heupen. De groen-witten wilden zich niet meer vast af laten troeven, en namen het heft in handen. De kwaliteit van het spel steeg zienderogen, de druk naar voren werd steeds hoger en kansen diende zich aan.
Anneke, die als enige wissel vanaf het begin mocht vlaggen en als een verkleumd konijn na 15 minuten inviel, besloot dat ze het warm wilde krijgen. Daarom rende ze achter een bal aan die vanuit het centrum richting de flank vloog en ging het duel aan met haar Overschiese tegenstander. Zoals zo vaak won ze het duel, en met haar eerste actie van de wedstrijd gaf ze een splijtende pass naar de rand van het strafschopgebied. Daar stond Aniek, die het tijd vond voor een afstandsschot. De bal zeilde hoog door de lucht en daalde precies op tijd om zich net onder de lat tegen het net aan te nestelen. De dames hadden de voorsprong te pakken, nu moesten ze vasthouden en uitbouwen.
En uitbouwen deden ze; Na een pass van Hanneke vanuit het centrum vlogen beide spitsen Aniek en Monique achter de bal aan. De Keeper kwam uit, maar Aniek kon nog net voordat de doelbewaakster erbij kon de bal aantikken. Zelf werd ze ook aangetikt en vloog ze door het strafschopgebied als een albatros op landingskoers. De bal hobbelde langzaam door op het natte gras, een mogelijkheid waarover Monique geen gras liet groeien. Ze greep het kadootje gretig aan, en de 2-0 was een feit.
Ook de 3-0 kwam nog voor de rust tot stand. Een afstandsschot van Milou was zo lastig dat de duikende keeper er geen grip op kon krijgen. Ze duwde de bal weg naar de zijkant, maar helaas voor haar was dat de kant waar Aniek in kwam lopen. Op het nonchalante af plaatste ze de bal achter de opkrabbelende keeper.
In de rust zaten er 12 verzopen dames op de houten bank in de kleedkamer. Ze waren tevreden met de voortgang, en wilde de stand graag nog meer vergroten, maar Godsmiljaar wat hadden ze het koud. Ze moesten nog een helft, en als de ware heldinnen die ze waren zouden ze ook die 45 minuten vol overgave spelen, maar het was ongelooflijk zwaar.
De tweede helft was zo goed als eenrichtingsverkeer. Op een enkele doorgeschoten diepe pass van VOB, vaak makkelijk onschadelijk gemaakt door de ervaren verdediging, ging alles vooruit. Hanneke schoot een paar keer net naast of net vangbare ballen en Aniek was als een dollevrouw op zoek naar haar derde hattrick van het jaar ter compensatie voor de goal die Monique eerder van haar gestolen had. Gesteund door de flanken en met de op een na minst gepasseerde verdediging van de competitie in de rug bleef de aanval doordrukken.
Maar hij wilde er niet in. In de nog steeds stromende regen klonk het laatste fluitsignaal, en ondanks dat de dames niet verder waren gekomen dan de ruststand van 3-0, waren ze redelijk optimistisch gestemd door het zeer goede spel van de tweede helft. Er werd snel gedoucht om ietsjes op te warmen en zich daarna in de warme kantine met All Stars en hun aanhang het puntenpils weer eens goed te laten smaken. Zoals andere koude wedstrijddagen bleven echter niet veel de dames erg lang, en ook voor mij zat de voetbalzondag erop. Ik kon meevaren in de rubberboot van Aniek, die mij dicht bij huis kon afzetten en ik nog maar een klein stukje hoefde te zwemmen. Thuisgekomen keek ik door het raam over het ondergelopen Hofplein. Er dreef een kunststof shoarmarol langs, als een drol in het zwembad. Ik besloot de koude kleren te vervangen door droge, met als tussenstop de douche. Daar dacht ik na over het naderende einde van de competitie Met nog twee wedstrijden te gaan, die allebei gewonnen diende te worden om de 2e plaats veilig te stellen, zou het einde van het seizoen ongekend spannend worden. Ik leunde tegen de douchewand aan de draaide de doucheradio aan. "B-b-b-baby, you ain't seen nothin' yet", hoorde ik Randy weer zingen. Ondanks het weer was vandaag een goede dag.
MdeJ